Foto:

Zwaleman | Festival

Festival

Had iemand mij een paar weken geleden gevraagd wat het allerleukste (pop)festival van ons land is, dan had ik zonder ook maar één moment te aarzelen de Zwarte Cross genoemd. Met daarbij misschien de opmerking dat Mañana Mañana en Reurpop op z'n minst een eervolle vermelding verdienen, maar dat die qua grootte nu eenmaal niet met de Zwarte Cross zijn te vergelijken. 30.000 bezoekers (Mañana) of 13.000 (Reurpop), dat zijn aantallen die natuurlijk in het niet vallen bij de 220.000 die dit jaar de weg naar Lichtenvoorde wisten te vinden. Bovendien is er nog een groot verschil tussen de drie festivals. De Zwarte Cross geniet overduidelijk landelijke bekendheid, terwijl de andere twee het toch vooral van de eigen regio moeten hebben.

Zwarte Cross, zou ik dus hebben geantwoord. Maar als me dezelfde vraag nu wordt gesteld, dan weet ik het niet meer zo zeker. In Oost-Nederland wordt namelijk nog een festival georganiseerd. Weliswaar niet in de Achterhoek, maar slechts een klein stukje over de provinciegrens. In het recreatiegebied Het Rutbeek vond anderhalve week geleden voor de derde keer Tuckerville plaats en ik was daar voor de eerste keer bij. Het Rutbeek ligt bij Enschede en dus in Twente. Maar hemelsbreed gemeten was het festival nog geen drie kilometer verwijderd van de Grolsch-brouwerij. Die weliswaar tegenwoordig ook in Twente staat, maar waarvan we de Achterhoekse roots nooit zullen vergeten. En zodoende is Tuckerville toch ook een beetje van ons.

Niet alleen daarom, trouwens. Tuckerville is het geesteskindje van Ilse de Lange. Die niet alleen haar favoriete muziek (Americana) een podium wilde geven, maar ook haar geboortegrond een eigen festival. Eigen in de dubbele zin van het woord. Want net als de Zwarte Cross heeft Tuckerville een niet alleen zichtbare, maar vooral ook voelbare band met Oost-Nederland. Dat dat wij het land aan de goede kant van de IJssel noemen, het land waarvan wij allemaal zoveel houden. Of we nu Achterhoekers, Tukkers of Drenthen zijn.

Qua bezoekersaantallen doet Tuckerville (dit jaar 17.500) nog niet echt mee. Zal het waarschijnlijk ook niet gaan doen, want heel veel meer passen er gewoon niet op het terrein. Bovendien is het (nog) een eendaags festival. Maar Tuckerville heeft wel een veel grotere uitstraling dan Reurpop en Mañana Mañana, om die twee nog maar eens te noemen. Dat komt niet alleen doordat Radio 2 er de hele dag live bij was (diverse optredens zijn nog te zien op hun site of op YouTube), of doordat Vincent Bijlo in zijn column in de kranten van de Persgroep het festival de hemel in prees. Het komt natuurlijk wel, door de optredende artiesten die je qua naam en faam eerder bij een grootschaliger festival zou verwachten. James Morrison bijvoorbeeld was de grote publiekstrekker. Zou je denken, tenminste. Maar ik had het idee dat Daniël Lohues en natuurlijk Ilse zelf minstens evenveel fanatieke fans onder het publiek hadden.

Persoonlijk werd ik trouwens het meest verrast door Asleep at the wheel. Een mij onbekende groep uit Texas, die toch al een halve eeuw bestaat, zo'n twintig albums maakte en heeft samengewerkt met grote namen als Commander Cody, Van Morrison, Bob Dylan en Willy Nelson.

Maar het meest verrast was ik toch door de sfeer op het festival. Waar jong en oud (de eerste categorie met oordopjes, de tweede niet) in een heerlijke harmonie een prachtige dag beleefde. Love and peace anno 2019. De revival van Woodstock (of Kralingen, zo u wilt). Maar dan stukken beter georganiseerd!

Meer berichten
 

Nieuwsoverzicht

Meer berichten